Ondermijnt het kabinet met deze minister zijn coronabeleid?

 

 

Zowel het kabinet als de Minister van Justitie toonden zich recent uiterst lankmoedig. Waarom? Vanwege het niet actief verbinden van politieke consequenties aan de veelbesproken bruiloftsfoto’s alsmede de volgens Ferd Grapperhaus zelf in een eendere context als asociaal benoemde gedragingen. Terwijl er in veel kringen momenteel sprake is van toenemende maatschappelijke weerstand tegen de coronamaatregelen, ontbreekt het het kabinet juist nu aan de noodzakelijke ernst en daadkracht om hun uitstaande beleid te onderstrepen.

 

Negatieve marketing van eigen beleid.

Qua marketing lijkt het kabinet inmiddels uit te stralen dat ze nu eenmaal niet veel anders kunnen dan op de veiligheidsregels te blijven hameren, maar dat ze anderzijds ook wel snappen dat bepaalde regels rondom corona in de praktijk moeilijk realiseerbaar zijn. Een beetje gechargeerd in de trend van ‘Iedereen moet toch vooral maar goed op zichzelf passen en God voor ons allen’.

Dit vormt een typisch voorbeeld van negatieve marketing door een overheid die zijn eigen beleid niet langer weet te rechtvaardigen voor een zo breed mogelijke gemene deler van de bevolking. De rechtvaardiging van beleid ten behoeve van een zo breed mogelijke gemene deler van de bevolking vormt bij uitstek de basisopdracht van elke betrouwbare democratisch gekozen overheid.

Over het algemeen zijn het typisch overheden die excelleren in het op enig moment negatief vermarkten van het eigen beleid. Ik wijt dit aan het schier onmogelijke aantal maatschappelijke vraagstukken dat vaak op korte termijn beantwoord moet worden. Wat overigens niet wil zeggen dat dit als een excuus mag gelden, het is meer een constatering van feiten.

 

Twijfelaars worden massaal critici.

Mijn bovenstaande relaas is natuurlijk enigszins gechargeerd en tekent ook zeker niet hoe ik hier persoonlijk in sta. Het geeft echter wel de potentiële onderbuikgevoelens weer als gevolg van een dergelijk lankmoedig optreden. Onderbuikgevoelens die hun uitwerking kunnen hebben op de groeiende groep burgers die toch al twijfelt aan de noodzaak van de huidige coronamaatregelen.

De boodschap die het kabinet hiermee uitstraalt, is namelijk uiterst ambivalent te noemen. Door het niet actief verbinden van politieke consequenties aan eerder genoemde misstappen van een (on)verantwoordelijk bestuurder ondergraaft het kabinet het eigen coronabeleid. Blijkbaar is het niet volgen van de coronaregels slechts een omissie, maar geen overtreding waardig. Er bestaat een gerede kans dat twijfelaars aan de huidige coronamaatregelen hierdoor massaal verworden tot critici van datzelfde beleid. Hiermee geeft het kabinet dus uiting aan een vorm van negatieve marketing op het gebied van de coronamaatregelen.

 

Gezag verdwijnt als sneeuw voor de zon.

Hoe kan justitie vervolgens nog met goed fatsoen coronaboetes uitdelen, als de eigen minister met een volgeschoten gemoed voor de zoveelste keer publiekelijk zijn excuses heeft moeten maken? De boa’s en de politie hebben zelfs al aangegeven dat ze op deze manier nauwelijks nog draagvlak zien om coronaboetes uit te delen.

Tevens verwordt Minister Grapperhaus op deze manier tot aangeschoten wild. Te pas en te onpas zullen zijn politieke tegenstanders hem er immers aan kunnen herinneren dat hijzelf ook niet volledig vrij van blaam is als het gaat om het niet naleven van de coronamaatregelen. Dit maakt de minister bij voorbaat buitengewoon kwetsbaar wanneer het aankomt op het doorvoeren van eventuele nieuwe coronamaatregelen. In essentie belemmert hij hiermee het kabinet in het adequaat reageren op toekomstige ontwikkelingen in de coronacrisis.

 

Bron:  Art Huiskes  (onderzoeksjournalist)